Kamakura
Kamakura is een aangenaam stadje omgeven door groene heuvels en de zee. Ver weg van de Tokio-drukte en toch op amper 1 uur van de hoofdstad. Ieder Tokio-bezoeker heeft de plicht om minstens een kleine uitstap te maken naar Kamakura. In Kamakura kan men nog iets van het oude Japan terugvinden.
Kamakura was de zetel van het eerste shogunaatsregime van 1185 tot 1333. Hoewel de Keizer in Tokio verbleef, was Kamakura de feitelijke hoofdstad van Japan. De echte macht was immers in handen van de militaire shoguns.
De opeenvolgende shoguns ondersteunden het boeddhisme. Zo is Kamakura een stad van tempels geworden en een belangrijk centrum voor het zenboeddhisme. Vanaf het begin van deze eeuw is Kamakura de favoriete plaats geworden van rijke zakenlui, politici, schrijvers en poëten. Het voegt iets aan de stad toe als een aangename plaats om te vertoeven.
Door het groot aantal tempels wordt Kamakura wel eens vergeleken met Kyoto, in het klein dan weliswaar. Natuurlijk bevat Kyoto meer kunstschatten, zijn de tempels van Kyoto veel imposanter, en hebben de Japanse tuinen er het summum van schoonheid bereikt. Kyoto straalt tijdloze perfectie uit ('t is te zeggen - zoals overal in Japan - moet men dan wel oogkleppen opzetten en abstractie maken van de hedendaagse architectuur en andere hedendaagse smaakloosheden die vanaf de jaren 50 het land zo grondig hebben veranderd). In Kyoto is de schoonheid handgemaakt. In Kamakura, daarentegen, maken de tempels meer deel uit van de natuur, de tempels zijn er veelal weggestoken in kleine valleien omringd door groene heuvels. Dikwijls zijn de tempels maar te bereiken via kleine wandelpaadjes of na de beklimming van steile, oude stenen trappen. De tuinen van de tempels zijn meer een geheel met de natuur en lijken minder door de mens op maat gemaakt.
De grootste troef van Kamakura zijn de heuvels rond de stad. Het is mogelijk om de meeste tempels te bezoeken zonder de groene heuvels te moeten verlaten. Men kan de belangrijkste bezienswaardigheden bezoeken zonder tussen een bende dagjesmensen te moeten lopen en zonder de dieselwalmen van de toeristen-autocars te moeten uithoesten. Er zijn ook enkele tempels die de gewone toerist ongemerkt zal voorbijlopen. Sasuke no Inari is zo een plaats, diep verscholen in de heuvels, ver weg van het volk. Men kan er zich zelf een groene thee uitschenken in ruil voor een kleine vrije bijdrage aan de Shinto-man ter plaatse, rondkijken en genieten van de natuur. Op zulke plaatsen is het bijna niet te geloven dat de stedelijke heksenketel van de drukte Kanto-vlakte zo vlakbij is.
Een andere niet te missen attractie in Kamakura is de Daibutsu, de Grote Boeddha. Op die plaats moet je de toeristen er wel bijnemen. In Nara is er een even grote Boeddha, maar niet half zo indrukwekkend. De Kamakura Daibutsu is een bronzen beeld dat dateert van 13de eeuw. Aanvankelijk stond het beeld in een tempel, zoals in Nara. Maar in 1495 heeft een enorme tsunami (een vloedgolf na een aardbeving) de hele tempel weggespoeld. Sindsdien staat de Boeddha in de open lucht.
Zelfs diegene die Tokio aandoet en zegt geen tijd te hebben, heeft geen excuus om Kamakura niet te bezoeken. Vlakbij het Kita-Kamakura station zijn er al heel wat interessante tempels te bezoeken. Vanuit Tokio volstaat een halve dag om toch iets van Kamakura gezien te hebben.
Tips voor de reiziger:
Vanuit Tokio is Kamakura te bereiken met de JR Yokosuka-lijn. Een treinreis van ongeveer 1 uur.
1. Voor diegenen die geen tijd hebben of moeilijkheden hebben om te stappen in de soms steile wandelpaden: uitstappen in Kita-Kamakura (1 stop voor Kamakura-Station). Vlakbij het station kunnen verschillende tempels te bezocht worden: Engaku-ji (bewonderaars van de schrijver Yasunari Kawabata zullen de tempel kennen), Tokei-ji, Jochi-ji.
Vanuit Kita-Kamakura kan men de trein terugnemen en een stop verder uitstappen in Kamakura-Station. West Exit van het station: interessante winkelstraat met talrijke restaurantjes. East Exit: om naar de Hachiman Schrine te gaan.
Voor de Daibutsu (de Grote Boeddha): in Kamakura-Station de Enoden-lijn nemen en uitstappen in Hase (derde stop). Als men daar is kan men er tevens gebruik van maken om de Hase Kannon tempel te bezoeken en om even de zeelucht op te stuiven aan het strand.
2. Voor diegenen die er een daguitstap van kunnen maken, is de beste optie een 15 km wandeling door de heuvels van oost naar west. Bezoek aan tien tot vijftien tempels en ook de Daibutsu. Hier daar in de heuvels vergezichten op de Fuji-berg, op Yokohama en op de zee. Het is zonder problemen mogelijk om de wandeling in te korten ook. Diegenen die het parcours zouden willen kennen: stuur me een e-mail want het is te omslachtig om hier uit te leggen.
3. Boeken over Kamakura: 'Weekend Adventures Outside Tokyo' van Tae Moriyama, 'Exploring Kamakura' van Michael Cooper en 'Trails of Two Cities. A Walker's Guide to Yokohama, Kamakura and Vicinity' van John Carroll. Zie mijn Boekentips.